Bang voor het getal 13? Hoe bijgeloof rekenen weer leuk maakt!
- jessicadeen83
- 55 minuten geleden
- 5 minuten om te lezen
Getallen worden interessanter zodra er een verhaal achter zit.
Het getal 13 en de angst voor de vier leveren slimme rekenpuzzels op.
Patronen herkennen voelt ineens minder als huiswerk en meer als speurwerk.
Gewone situaties, zoals liften, huisnummers en cadeaus, maken rekenen tastbaar.

Ik zie vaak meteen weerstand zodra het rekenboek op tafel komt. Kinderen bevriezen, gaan zuchten of haken al af voordat de eerste som is gelezen. Juist dan helpt het om de methode even los te laten en via iets onverwachts, zoals bijgeloof rond getallen, opnieuw nieuwsgierigheid aan te wakkeren.
Getallen krijgen plotseling een verhaal wanneer we ontdekken waarom sommige hotels geen kamer dertien hebben of waarom wolkenkrabbers in Oost-Azië hele verdiepingen overslaan. Bij mij aan de tafel merk ik dan dat de weerstand afneemt en de nieuwsgierigheid terugkomt. We stappen uit de methode en gaan op onderzoek uit. Waarom vinden wij dertien eigenlijk een ongeluksgetal? En waarom kijken mensen in andere delen van de wereld heel anders naar bepaalde cijfers? Dat soort vragen vormt een sterke ingang voor een rekenles die niet meteen als rekenles voelt.
De lift die verdiepingen opeet
Stel je voor dat je in een enorme wolkenkrabber in New York staat. Je wilt naar de dertiende verdieping, maar op het paneel in de lift zie je na de knop voor twaalf direct de knop voor veertien staan. Het getal dertien is nergens te bekennen. Dit fenomeen heet triskaidekafobie: een sjiek woord voor de angst voor het getal dertien.
Voor een kind dat moeite heeft met rekenen, is dit een fantastische puzzel. We gaan dan samen rekenen in gewone mensentaal. Een gebouw heeft bijvoorbeeld vijftig verdiepingen, maar de dertiende verdieping wordt overgeslagen. Hoeveel knoppen zitten er dan in de lift? Dat is een simpele rekensom: vijftig min één is negenenveertig.
We maken het daarna een stapje moeilijker. In delen van Oost-Azië, vooral in China, Japan, Korea en Taiwan, geldt het getal vier vaak als onheilspellend. De reden ligt in de uitspraak: in het Chinees en Japans klinkt het woord voor 'vier' sterk als het woord voor 'dood'. In wolkenkrabbers en appartementen daar ontbreken daarom vaak verdiepingen waar een vier in voorkomt. Geen vier, geen veertien, geen vierentwintig, maar ook de hele reeks van veertig tot en met negenenveertig wordt soms overgeslagen. Die angst voor de vier heet tetrafobie, en die gaat veel verder dan alleen liftknopjes. Je ziet het ook terug in telefoonnummers, in kentekens die met een 4 spotgoedkoop kunnen zijn, en zelfs in cadeaus: een setje van vier geef je liever niet. Sommige getalcombinaties voelen nog onheilspellender. Het getal 14 klinkt in het Chinees ongeveer als 'gaat zeker dood' en in Japan 49 roept de betekenis 'lijden tot de dood' op.
Al die ontbrekende getallen maken het tot een complexe puzzel, want hoe reken je de werkelijke hoogte van een gebouw uit als het liftpaneel vol 'gaten' zit? Dit is het moment waarop het 'leren leren' echt begint. In plaats van een rijtje sommen uit te rekenen, moet een kind nu logisch nadenken en patronen herkennen. We schrijven alle getallen op die niet op de knopjes mogen staan en tellen daarna hoeveel verdiepingen er eigenlijk overblijven. Het abstracte rekenen wordt opeens heel concreet. Het gaat niet meer om het antwoord, maar om het begrijpen van de situatie.

De kracht van verhalen achter de getallen
Tijdens mijn sessies voor remedial teaching gebruik ik deze verhalen om de angst voor fouten weg te nemen. Een kind dat bang is om te falen, durft vaak niet meer te experimenteren met getallen. Door het over bijgeloof te hebben, verschuiven we de focus van 'moeten presteren' naar 'willen weten'.
Wist je bijvoorbeeld dat het getal dertien niet overal een ongeluksgetal is? De Maya’s vonden dertien juist een getal van voltooiing en goddelijke kracht. En in de wiskunde hebben geluksgetal zeven en ongeluksgetal dertien een heel bijzondere band. Het zijn allebei priemgetallen, wat betekent dat je ze door niets anders kunt delen dan door één en zichzelf.
In een sessie blijft het gelukkig niet bij zo'n weetje. We gebruiken dat soort opvallende getallen juist om verder te kijken. Een kind merkt dan eerst op dat zeven en dertien steeds terugkomen in het verhaal. Vanaf daar gaan we samen zoeken naar patronen die grip geven. Dat haalt de spanning van het rekenen af, omdat het niet meer draait om snel het goede antwoord geven, maar om iets opmerken en uitproberen.
Neem bijvoorbeeld de tafel van zes. Eén keer zes plus één is het geluksgetal 7. Twee keer zes plus één is het ongeluksgetal 13. Opeens zien we een verband tussen die twee 'enge' of 'bijzondere' getallen. Het is een ontdekkingstocht waarbij het kind de regie heeft. Dit soort inzichten geven een kind zelfvertrouwen. Getallen zijn niet langer willekeurige vijanden, maar onderdelen van een groter systeem waar ze zelf de code van kunnen kraken.
Waarom we verder kijken dan het rekenboek
In het reguliere onderwijs is er vaak weinig tijd voor deze zijpaden. De methode moet af en de toetsen komen eraan. Dit zorgt voor druk, vooral bij kinderen die wat meer tijd nodig hebben om de logica te doorgronden. Mijn advies voor ouders is daarom altijd: zoek de verwondering op in het dagelijks leven. Dit noemen we ook wel 'rekenen in het wild'.
Het analyseren van bijgeloof is daar een perfect voorbeeld van. Het leert kinderen kritisch kijken naar informatie. De uitkomst van een toets is slechts één meetmoment. Het zegt niets over de creativiteit of het logisch inzicht dat een kind laat zien wanneer het een complexe liftpuzzel oplost.
Bij remedial teaching help ik kinderen om deze vaardigheden te ontwikkelen. We werken niet aan het 'trainen' van executieve functies met losse spelletjes, want uit onderzoek blijkt dat dit weinig effect heeft op de schoolprestaties. We ondersteunen deze vaardigheden direct in de praktijk. We kijken naar de taak die voor ons ligt: hoe pakken we dit rekenprobleem aan? Welke stappen zetten we eerst? Door getallen te koppelen aan boeiende onderwerpen, wordt het werkgeheugen minder belast door stress en ontstaat er ruimte om echt te leren.
Praktische tips voor thuis
Je kunt dit soort gesprekken heel makkelijk zelf starten. Je hebt daar geen ingewikkelde materialen voor nodig, alleen een beetje nieuwsgierigheid.
Kijk samen naar huisnummers in de straat. Ontbreken er nummers? Waarom zou dat zijn?
Zoek op internet naar vreemde wetten over getallen in andere landen.
Onderzoek samen de 'magie' van priemgetallen. Kan je dertien snoepjes eerlijk verdelen over twee, drie of vier personen?
Dit soort momenten zijn veel waardevoller dan het eindeloos herhalen van sommen die het kind toch al niet begrijpt. Het gaat om het kweken van een positieve houding tegenover getallen.

De weg naar rekenplezier
Rekenen hoeft geen strijd te zijn. De weerstand die kinderen voelen, komt vaak voort uit een gevoel van onmacht. Door getallen een context te geven, zoals het bijgeloof rond de dertien of de vier, maken we ze tastbaar. We halen de getallen uit het saaie witte boek en plaatsen ze in de echte wereld.
Mijn doel is altijd om een kind te laten inzien dat zij de baas zijn over de getallen, en niet andersom. Of het nu gaat om het begrijpen van een grafiek of het oplossen van een lastige breuk, de basis is altijd zelfvertrouwen en inzicht. Door verder te kijken dan de standaard sommen, ontdekken we samen dat rekenen eigenlijk een heel spannend vak is.
Mocht je merken dat jouw kind ook vastloopt en de moed begint te verliezen, weet dan dat er andere wegen zijn om tot begrip te komen. Soms is een verhaal over een missende liftknop precies wat er nodig is om het kwartje te laten vallen.
Neem gerust contact op als je meer wilt weten over mijn aanpak bij remedial teaching of als je behoefte hebt aan specifiek advies voor jouw situatie.
Samen zorgen we ervoor dat getallen geen bron van angst meer zijn, maar een bron van plezier en ontdekking. Want rekenen is veel meer dan alleen een antwoord geven op een vraag; het is de wereld om ons heen leren begrijpen. En dat is het mooiste wat er is.

Bronnen
Opmerkingen